zondag 18 oktober 2009

Twee-eenheid

Twee jaar is voor een emigrant lang genoeg om zich een beeld te vormen van zijn nieuwe thuisland. In de loop van twee jaar evolueerde mijn blinde verliefdheid op alles wat Spanje te bieden had naar een wat genuanceerdere kijk op het nieuwe land en zijn bewoner: de verliefdheid veranderde in liefde. Liefde betekent, in welk soort relatie dan ook, dat er naast de momenten van vertrouwen en warmte er ook ergernissen en twijfels de kop opsteken.

Ergernissen!
Bijna iedere dag als ik naar mijn werk fiets, netjes over de nieuw aangelegde fietspaden, word ik van mijn sokken gereden door roekeloze of totaal onaandachtige automobilisten. De nonchalance van de Valencianen in het verkeer is zelfs in Spanje berucht. Er wordt volgens henzelf in weinig steden zo slecht gereden als in Valencia. Ieder fietstochtje naar school en terug naar huis zijn 15 minuten van opperste concentratie. Ik mag niets en niemand uit het oog verliezen. Groen licht voor mij betekent NIET dat ik met een gerust hart de weg kan oversteken. Haast iedere dag scheuren er nog snel een paar auto's vlak vóór me door rood licht. Ook de fietspaden zelf zijn een gevaar. Niet omdat ze in een belabberde staat verkeren, nee, ze zijn gloednieuw. Wel omdat niemand zich er ook maar iets van aantrekt dat het FIETSpaden zijn. Automobilisten parkeren er graag hun auto op en voetgangers beschouwen het als een uitbreiding van hun stoep. Totaal uit het niets duiken er ook andere obstakels op. De bouwvakkers van een bouwwerf naast het fietspad laten vaak hun materiaal slingeren: plotseling staat er een hek dwars over het pad of liggen er een stapel ijzeren platen. Af en toe moeten ze ook het fietspad openbreken om leidingen ofzo te leggen, maar er is geen enkel bord of lichtsignaal dat mij waarschuwt voor dat gapende gat. Met mijn helm op mijn kop en mijn oren en ogen wijd open wordt ieder fietsritje van en naar mijn werk haast een avontuurlijke sport. Ik erger me er dood aan.

Iets anders -totaal ongevaarlijk en onavontuurlijk maar zeker niet minder ergerlijk- is de verschrikkelijke gewoonte van de Spanjaarden om met wijdopen mond kauwgom te kauwen. Het geknauw begint al als ze nog klein zijn en dan vind ik het al erg, maar ik vind het nog afstotelijker als ik al die volwassenen in mijn lessen of in de metro zie zitten te herkauwen. In mijn lessen met kinderen en tieners ga ik met de prullenbak rond, maar in de lessen met de volwassenen vind ik dat ik dat niet kan maken. Aan hen probeer ik soms met een grapje duidelijk te maken dat het toch echt wel verschrikkelijk is om te praten met iemand die voortdurend aan het malen is en dat het echt geen gezicht is om naar al die opengesperde monden te kijken waar van die smerig-sappige smakgeluiden uitkomen. Maar de volwassen Spanjaard is zich van geen kwaad bewust en knauwt lustig verder.

Twijfel...
zoals een week of twee geleden bijvoorbeeld, toen ik na een fijne dag eerder toevallig in mijn fotoalbum begon te bladeren van het afscheidsfeestje dat ik twee jaar geleden in Leuven organiseerde. Ik zie de foto's van mijn vrienden van VLEKHO, mijn ex-collega's van NXP en IMEC, de turners uit Kessel-Lo, de Egypte-reizigers en mijn familie. Ik word melancholisch: zij waren ooit mijn vertrouwde omgeving. Zij waren het met wie ik lachte, werkte, sportte, koffie dronk, uitging, danste, kletste, praatte. Als ik heel bewust aan al deze mensen denk, mis ik ze. Mijn leven in Spanje gaf me nieuwe mensen met wie ik ook lach, werk, sport, drink, uitga, dans, klets en praat. Het is echter een vergissing te denken dat zij in de plaats zijn gekomen van die mensen die in Belgie en Nederland bleven wonen. Soms lijkt het inderdaad dat mijn Belgische leven beetje bij beetje vervaagt, maar het tegendeel is waar. Na ieder bezoek aan Belgie -helaas meestal noodgedwongen blitsbezoekjes- keer ik steeds wat weemoedig terug naar Spanje waar ik weliswaar volop geniet van mijn nieuwe leven, maar waar ik altijd in de periferie zal blijven staan. Nooit zal ik 100% deel uit gaan maken van de Spaanse samenleving, nooit zal ik de taal 100% onder de knie krijgen. Ik zal altijd een buitenstaander blijven, hoe vriendelijk de Spanjaarden ook met me zijn. Dan slaat de twijfel mij, weegschaal, weer even om het hart. Hoe comfortabel en makkelijk lijkt nu dat leven in België, met de mensen die ik ken, met wie ik een verleden, een cultuur en een taal deel. Hoe moeilijk is het tegelijkertijd om terug naar België te keren. Hoe zou ik in hemelsnaam mijn Spaanse leven weer in kunnen ruilen voor een volle agenda, regelneverij, geklaag en bewolkte luchten?

Ondanks ergernissen en twijfels blijf je bij iemand van wie je houdt, omdat je er voor terugkrijgt wat je nodig hebt. Wat je nodig hebt binnen een liefdesrelatie, maakt iedereen voor zichzelf uit.
Spanje geeft mij wat ik nodig heb: ongekunsteldheid, spontaniteit, ontspanning, simpliciteit, vrijheid, natuur, buitenleven, uitdagingen en vooral -onmisbaar en mijn absolute nummer één- de zon die letterlijk én figuurlijk mijn leven verlicht.

1 opmerking:

  1. Hallo Susanne ,ik ben nederlandse en woon hier de helft van mijn leven mijn man is spanjaard waarmee ik al 44 jaar getrouwd ben .Altijd is er dat stukje in je wat altijd even anders is mmaar ik geloof dat we dat allemaal wel hebben hetzij dat je uit België Nederland,Frankrijk of Duitsland komt,twee jaar is nog een korte tijd om alle facetten te leren kennen nee ik zeg het verkeerd het is eigenlijk beleven want er is een duidelijk verschil tussen leren kennen of beleven zodat het ook een stukje van jezelf word over het verschrikkelijke kauwgum kauwen het lijkt me dat je dat zelf duidelijk moet zeggen dat je daar niet van gediend bent .Geen hinten maar recht voor zijn raap .ik geloof dat dat beter is dan weten ze waar ze aan toe zijn,
    overigens geloof ik dat de spanjaard dat liever heeft dan een spelletje van ja maarrrrr ,maar liever niet of wel ,probeer het en kijk de resultaten . Groetjes Bea
    P.S. Hoop weer wat van je te lezen.
    Valencia enbruja!.

    BeantwoordenVerwijderen