woensdag 27 augustus 2008

Rije, rije

more...

En dan, 9000 kilometer later, ben ik weer in Thuis Noord. En zit ik binnen. Want buiten is het grijs en vochtig. Het contrast met de afgelopen weken is groot. Zowat zes weken lang leefden we buiten. Al kamperend woon je buiten, alleen ’s nachts een paar uur minimaal van de buitenlucht afgesloten door een dun tentzeil. Al reizend op de motor ben je buiten. Niks geen blikken doos om je heen. Op de motor voel je. De zon die mijn neus langzaam verbrandt. De warme wind die zich eenvoudig door het motorpak een weg baant naar mijn bezwete huid. Mijn kont die pijn doet van het lange stilzitten. Op de motor ruik je. De dennenwouden. De frisheid van de wolken waar je doorrijdt op 1500 m hoogte. De stank van een of andere spuuglelijke fabriek in de buurt. Op de motor zie je. De vale gieren en arenden die ver boven ons hoofd cirkelen. De schitterende valleien vanop de kronkelende bergwegen zonder reling. De vele kruisjes en bloemen langs de kant van de weg als zichtbare herinnering aan een te jong gestorven mens.

Negenduizend kilometer later weet ik dat motorrijden, dat in mijn geval alleen achterop méérijden betekent en niet zelf bèrijden, heel boeiend én heel saai kan zijn.

Heel saai was het op de lange rit náár Spanje, door Frankrijk heen. De motorfiets en de autosnelweg zijn geen spannend stel samen. De enige momenten van spanning beleef ik op de ring rond Parijs waar we ons gedurende anderhalf uur rakelings een weg moeten zien te banen door de nauwe ruimte tussen al die stapvoets rijdende en stilstaande auto’s van vakantiegangers. Om toch maar zeker geen auto of caravan te raken druk ik met de bibbers in mijn lijf mijn knieen zoveel mogelijk tegen mijn chauffeur aan die met een schitterend balanceervermogen en een portie lef de klus fantastisch klaart. Verder verzin ik op die allereerste lange lange rit hoe ik de tijd en de verveling wat kan verdrijven met onnozelheden allerhande. Een heel repertoire aan liedjes zing ik luidkeels (er kan mij toch niemand horen): Dancing Queen, de tune van de Muppetshow, Jingle Bells en zelfverzonnen composities. Of ik vertaal de Franstalige borden langs de kant van de weg in het Spaans: cédez le passage - ceda el paso, Esso Express regardez nos prix - Esso Express miren nuestros precios, Vous n’avez pas la priorité - Usted no tiene la prioridad.

Ook in Spanje hadden we enkele saaie ritten. Negentig procent van het land lijkt bedekt te zijn met wegen die zich in zoveel mogelijk bochten kronkelen, maar af en toe hebben de wegenbouwers het blijkbaar wel gehad met al dat bochtenwerk. Dan schotelen ze ons kaarsrechte wegen voor zonder ook zelfs maar het flauwste bochtje, honderd kilometer lang, liefst door de saaiste landschappen van verdord gras en maïsvelden langs de lelijkste en meest passieloze dorpen die Spanje rijk is. Heel veel aandacht voor de lelijkheid van de rit door Castilla y León richting zuiden kunnen we echter niet hebben. Al onze energie wordt opgeslorpt door de ongelooflijke hitte. Als we bij een tankstation stoppen nabij Don Juan de Valencia begint de geïnteresseerde pompbediende een praatje met me. “Hebben jullie het niet warm met al die motorkleren aan?”, is de nogal nutteloze vraag. “Ja, we hebben het heeeeeeeel warm met al die motorkleren aan”, is mijn nogal nutteloos antwoord. Het is die dag 34 graden in de schaduw. We moeten onze rit af en toe onderbreken om water te drinken of water in onze jas of helm te gieten. Dan is het weer heel eventjes redelijk uit te houden in ons “harnas”, ookal is het water in de bidon die we op de motor meevoeren op een temperatuur gekomen die makkelijk kan concurreren met die van een warme douche.

Maar het motorrijden was vooral een heel boeíende factor van de reis. Op de wegen in Spanje kan bij wijze van spreken achter elke van de honderdduizenden bochten die we genomen hebben, een nieuwe verrassing liggen: een wit dorp duikt op vanuit het niets, een berg en dan plots een turquoise stuwmeer, een kudde schapen of een zogende koe, het eindeloze niets en de grote leegtes.

We voelen ons als cowboys. We zijn als Lucky Luke: lonesome en a far far way from home rijden we door de bergen en de prairies op een lichtblauw mechanisch paard.

1 opmerking:

  1. ..., paard dat, plots enigszins verweesd, onder de grauwe Belgische lucht mijmert. Over hoe zwaar maar fascinerend mooi Spanje onder zijn banden wegrolde..: "Fun is not a dot or straight line! Wanneer vertrek ik weer?"

    BeantwoordenVerwijderen