zondag 23 maart 2008

Thuis

Een feest van een heel ander kaliber krijg ik meteen de dag ná Fallas voorgeschoteld. Door het feestgedruis in Valencia zou je haast vergeten dat het katholieke Spanje ook heel intens Semana Santa, de Goede Week, viert.
In Borriol, een bergdorpje ongeveer 90 km ten noorden van Valencia, wordt op Witte Donderdag de kruisgang van Jesus nagespeeld. Het dorpje van zo'n 4000 inwoners heet die avond Nueva Jerusalén en wordt overspoeld door Spanjaarden uit de regio die het schouwspel niet willen missen.

Ik ben die avond uitgenodigd door Teresa, de moeder van een kennis. Ik ben op haar uitnodiging ingegaan niet alleen om het passiespel te zien, maar ook om eens de sfeer in een ander dorp dan Jalance te ervaren. Teresa is een ongelooflijk gastvrije en sympathieke dame van 55 jaar oud en 3 turven hoog. We hebben elkaar nooit eerder ontmoet, maar ze onthaalt me alsof ze me al jaren kent. In haar eenvoudige huis schotelt ze me haar zelfgemaakte diner van calamares en boontjes met artisjokken voor. Ze spreekt Spaans met een heel sterk Valenciaans accent dat zelfs ik als buitenlander opmerk en ze vertelt me over haar zonen, haar werk en alle feesten die haar thuisdorp rijk is. Ze belooft me dat ze me als volleerd Nueva Jerusalen-experte door de menigte zal loodsen die avond.

Ze houdt woord. Het dorp stroomt vol, er is geen doorkomen aan. Iedere scène uit het Bijbelverhaal wordt op een andere locatie in het dorp opgevoerd, dus begeeft de massa zich van de ene naar de andere plek en weer terug. Maar Teresa kent de plekjes waar de diverse staties uit het Bijbelverhaal uitgebeeld worden. Ze weet precies op welk moment we waar in het dorp moeten zijn, hoe we de menigte vóór kunnen zijn en welke sluiproutes we kunnen nemen. Dus zo komt het dat ik in een drafje aan de hand van Teresa door de smalle en steile straatjes van Borriol ren, op zoek naar de beste plek vóóraan om iedere scène goed te kunnen zien.

De mensen in het dorp leven mee met hún paasfeest, waar meer dan 300 dorpsbewoners in meespelen. Het verhaal over de laatste dagen in het leven van Jezus grijpt hen na al die jaren nog steeds aan. De tegenstrijdige sfeer van opwinding en ingetogenheid is voelbaar in het dorp. Vooral als Jezus zich met het kruis op zijn schouders naar de heuvel in het dorp begeeft waar hij gekruisigd zal worden, is de sfeer intens. Het monotone tromgeroffel van de Romeinen, de fakkels langs de kant van de weg. Teresa sleurt me mee de heuvel op. Niet via het pad, want dat duurt te lang en er staat al te veel volk. Nee, we beklimmen de heuvel vol losse steentjes, prikstruikjes en puntige rotsen als berggeiten, gewoon door alles heen. Met mijn nog steeds pijnlijke linkerknie valt dat niet echt mee. Gelukkig is het volle maan en kan ik goed zien waar ik mijn voeten neer moet zetten. De gesprekken die de mensen zachtjes met elkaar voeren vallen helemaal stil als Jezus aan het kruis sterft. Iedereen kijkt naar de drie kruizen op de heuvel en is in doodse stilte in eigen gedachten verzonken.

Tijdens die stilte snuif ik de geur op van de tijm die op de heuvel groeit en ben ik op een intense manier eventjes héél erg bewust van het feit dat ik in Spanje woon. In Spanje! Mijn nieuwe, zuidelijke Thuis, want zo voelt het. Tegelijkertijd denk ik aan mijn andere Thuis, zo'n 1700 km noordelijker. Nog 2 nachten slapen en dan ga ik voor 10 dagen terug naar mijn noordelijke Thuis dat, parallel aan mijn Spaanse Thuis, gewoon blijft voortbestaan voor nog hopelijk heel lang. Ik kijk ernaaruit om mijn ouders en broers te omhelzen, met mijn vrienden te kletsen en lachen, mijn lief te zoenen. Dat is thuiskomen! Een fijn gevoel. En het mooie is dat ik dat gevoel tien dagen later weer opnieuw mag ervaren bij aankomst in Thuis Zuid. En terwijl ik daar op die heuvel sta en deze dingen bedenk, besef dat ik heel veel geluk heb...

Geen opmerkingen:

Een reactie posten