donderdag 14 februari 2008

Binnenste buiten

De laatste dagen is het ronduit klooteweer in Valencia. Het lijkt wel of ik plots weer in een herfstig Belgie zit: het regent en de temperatuur is gedaald naar amper 11 graden. Door de wind die door de kuststad waait is de gevoelstemperatuur een graad of 5. Dat zou in een zuiderse stad zoals Valencia toch niet mogen!!! Mensen lopen haastig over straat, dikke winterjas aan, sjaal om en vaak ook nog handschoenen aan. Zo ver ga ik, noorderlinge, niet. Maar ook ik kom nauwelijks buiten de laatste dagen. De paar maanden dat ik nu in Spanje woon zijn voor mij een bevestiging van een vermoeden dat ik in Belgie al had: ik moet naar BUITEN kunnen en de zon op mijn lijf voelen. Dan voel ik me goed. De afgelopen dagen die ik tussen 4 muren heb doorgebracht ben ik ijverig aan het denken geslagen: wat voor soort baan zou ik kunnen doen waarbij ik de nodige tijd buiten kan doorbrengen? Tips zijn welkom!

Niet alleen buiten is het maar een trieste bedoening. Ook binnen zit het niet echt mee. Wulma en Gatuna, de twee huiskatten, zijn allebei ontzettend vreselijk krols. Ik hou echt van katten. Ik ben heel lief voor katten. Nee. Ik híeld echt van katten. Ik wás heel lief voor katten. Maar nu?! Nu zou ik ze gewoon heel ver en hard het appartement uit willen schoppen. Ze maken me gek. Gatuna stopt maar niet met haar schelle klagerige gemiauw waarvan je haren recht overeind gaan staan. Overdag, maar liever nog 's nachts, jankt ze om toch maar gehoord te worden door een toevallig passerende kater die haar uit haar lijden wil verlossen. Wulma houdt het wat stiller en laat alleen een soort mekkerende en kermende geluidjes horen. Zij is echter tot vervelends toe op zoek naar fysiek contact. En ze vindt mij helaas heel leuk, blijkbaar veel leuker dan mijn 2 Argentijnse huisgenoten. Ze hoeft me nog maar te zien of ze probeert bij me op schoot te springen. Zelfs als ik niet zit en er dus geen schoot beschikbaar is. Ik heb deze week al meermaals op haar gevloekt als ze weer eens met haar scherpe nagels in mijn broek hing en lussen uit de stof trok. Als ik haar mijn kamer uitsmijt en de deur dichtdoe, blijft ze zolang mekkeren en krabben aan de deur dat ik haar van ellende maar weer binnenlaat.
De enige manier om de katjes een beetje rustig te houden is ze allebei op mijn bed toe te laten en ze dicht bij elkaar te zetten. Dan liefkozen ze elkaar wat, bij gebrek aan die stoere kater.

De uren dat ik binnen doorbracht heb ik mijn studieboek Spaans nog maar eens van onder het stof vandaan gehaald. Mijn kennis van het Spaans blijft een bron van ergernis. Wat passieve taalkennis betreft heb ik geen enkel probleem. Ik begrijp 99% van alles wat er gezegd wordt. Een boek of krant lezen gaat vlot. Ook een in het Spaans nagesynchroniseerde film in de bioscoop begrijpen gaat me goed af. Maar mijn actieve kennis van het Spaans? Zelf spreken...!? Ik ben allesbehalve tevreden over mijn verbale prestaties in het Spaans. Ik blijf gefrustreerd over mijn gestotter en gehakkel. Waarschijnlijk ben ik te streng voor mezelf en vergelijk ik mezelf teveel met de buitenlanders die al jáááren in Spanje wonen of die een Spaanse partner hebben. De waarheid is dat ik al ontzettend veel woorden en uitdrukkingen bij heb geleerd in die 4 maanden tijd, waarschijnlijk meer dan ik zelf besef. Ik zou gewoon meer moeten dúrven. Daar ligt de oplossing. Net zoals Stuart, een Schot die ik een tijdje geleden leerde kennen en die al 16 jaar hier woont, zou ik gewoon moeten denken "so what the f***" als ik er rare zinnen uitflap. Stuart heeft een behoorlijk uitgebreide woordenschat, maar zijn grammaticale kennis van het Spaans is absoluut nihil. Hij maakt zijn eigen taaltje, een combinatie van losse Spaanse woorden, een sprekende lichaamstaal en veel klanknabootsingen ("en toen deed 'ie pfffff en ging het van klabammmm en zei 'ie shshshshshshtttttt") Stuart denkt gewoon "so what the f***" en brabbelt er vrolijk op los. Hij dúrft. Ik dúrf te weinig en loop daardoor al snel vast op moeilijke grammaticale constructies die ik nog niet actief beheers. Zoals ik de katten een stamp geef, zo zou ik ook mezelf een schop onder mijn kont moeten kunnen geven als ik weer eens blokkeer omdat ik me teveel vastpin op corréct Spaans spreken in plaats van gewoon Spááns spreken. Please kick me!

Al met al een wat donkere binnenweek. Ben zojuist gaan kijken naar de weersvoorspelling en tot mijn grote vreugde komt er na regen (en na krolse katten en Spaanse spreekproblemen) altijd zonneschijn, ook in Valencia. Lekker naar buiten, midden volgende week komt er weer zon in mijn leven!

3 opmerkingen:

  1. Ach zo, je zoekt 'buiten-werk-tips:
    - tuinman (-vrouw)
    - terras-servante
    - dakwerkster
    - straatanimator
    - facteur (combineer je meteen je fietsen)
    - marktverkoopster
    - straatloopster
    - boswachtster
    - vogelaarster
    - vuilnisvrouw
    - straatveegster
    - voetbaltrainster
    - wandelbegeleidster

    en als ik er nog weet, zal ik ze laten weten.
    x

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Hoi Suzanne

    Je hebt toch wel al gedacht aan reisgids? Even een boekje lenen uit de bib over Valencia, studeren en je aanbieden bij de toeristische centra als meertalige gids. Moet toch lukken??? Misschien is dat nog eens niet nodig dat studeren. Oftewel bij een van de gebouwen in Las Ciencias daar of hoe heette het ook alweer, of die aquarium.

    Succes
    Siska

    BeantwoordenVerwijderen
  3. He Suzanne,

    Reisgids zou ook mijn nr1 suggestie zijn. Zo'n binnenleven is inderdaad geen porum. Maar met die hoogopgeleide hersenen van jou is boeiend buiten werk vinden misschien nog niet zo makkelijk .

    Wat dacht je van schrijfster/journalist? Dat kan je ook grotendeels op een terrasje doen...

    Groet Ruud

    BeantwoordenVerwijderen