maandag 7 januari 2008

Fietsfeest

Na ik zowat 30 jaar van mijn leven heb doorgebracht in fietsminnend Nederland en Vlaanderen, ben ik nu terechtgekomen in een stad die zichzelf tot dé fietsstad van Spanje heeft uitgeroepen. Met enige trots schept Valencia op over de 62 km fietspad die de gemeente rijk is. Geen enkele andere stad in Spanje is zo op fietsers ingesteld als Valencia. Op één website wordt Valencia heel ambitieus “het Amsterdam van het Middellandse Zeegebied” genoemd! Tot zo ver de theorie. Als, al zeg ik het zelf, nogal behendig fietster uit twee fietslanden bij uitstek, blijkt de Valenciaanse praktijk toch een beetje anders uit te pakken dan ik verwacht of gehoopt had. Oh ja, fietspaden zijn er! Maar wat gemeente Valencia wel even vergeten lijkt te zijn is dat de stad stikt van de Spanjaarden die absoluut niet “fiets-minded” zijn.

Dit betekent dat een fietspad in de meeste gevallen een parkeerplaats is geworden voor de vele auto's die Valencia rijk is, meestal dubbel geparkeerd bovendien, en ik met mijn fiets dus alsnog mijn leven moet riskeren en me tussen het drukke gemotoriseerde verkeer moet begeven.

Óf het betekent dat het fietspad een voetpad is geworden, waardoor ik zigzaggend tussen de mensen door moet rijden en wéér de straat op moet.
Het betekent ook dat een fietspad plots in het niets verdwijnt: einde fietspad, acabado, afgelopen, uit. Aan het aantal kilometers fietspad dat de gemeente Valencia trots naar voren schuift, durf ik niet te twijfelen, maar het lijkt er wel sterk op dat die 62 km telkens opgedeeld zijn in korte stukken van maximum een paar honderd meter... Dus maar weer de straat op.
Het kan ook betekenen dat er bomen langs het fietspad staan waarvan de takken zo laag hangen dat ik, toch ook niet bepaald groot van stuk, me helemaal plat moet gaan liggen op de fiets óf (hoe raad je het) de straat op moet gaan om te vermijden dat ik takken in mijn gezicht gezwiept krijg.

Dus zo rijd ik fietspad op, maar vooral fietspad áf, straat op, stoep op, andere stoep op, zigzag door het Valenciaanse verkeersgeweld. Honderd procent op mijn gemak voel ik me er nog niet bij. Dat is onlangs pijnlijk duidelijk geworden: ondanks mijn jarenlange fietservaring ben ik bij het stoep-op-rijden hier serieus tegen de grond gesmakt. Gelukkig viel de schade nogal mee: scheef zadel en ketting van de fiets en verder een dikke blauwe knie.

Dat ik ondanks alles toch niet de enige fietser in Valencia ben die problemen heeft met de fietsonveiligheid van de stad, bleek afgelopen week toen ik meedeed aan "la Masa Crítica", een sympathieke demonstratie waarbij fietsers iedere eerste vrijdag van de maand bij elkaar komen en 'en masse' het centrum van de stad doorkruisen om zo het recht op veilige verkeersdeelname op proberen te eisen en het publiek de vele voordelen van fietsen duidelijk proberen te maken. Ik schat dat er een stuk of 200 fietsers (een magere opkomst, volgens de organisatoren) hebben meegedaan aan de rit van een anderhalf uur door zowel de kleine smalle straatjes in de binnenstad als de grotere verkeersaders. De reacties van het publiek zijn erg positief en enthousiast, uitgezonderd het getoeter van een paar geërgerde automobilisten die niet door kunnen rijden en de meewarende blik van de twee machos in een reusachtige Hummer, ridicuul monster om in de betonnen jungle te kunnen overleven, die naast ons staat te wachten voor een rood stoplicht. Het zien van de Hummer lokt bij de echte die-hard fietsers natuurlijk hevige reacties uit en ze roepen de machos toe: No contamina, ni gasta gasolina! ([De fiets] vervuilt niet en verbruikt geen benzine.)

Het voelt veilig aan om met zovelen de drukte van de Valenciaanse binnenstad te bestormen. Het nog wat onzekere gevoel dat ik normaal al fietsend in mijn eentje heb, valt helemaal van me af. Nu, dat gevoel komt niet alleen doordat ik nog niet gewend ben aan de verkeerschaos, maar ook doordat voor mijn Nederbelgische begrippen de fiets die ik van Rafa leen, niet helemaal -of beter gezegd helemaal niet- voldoet aan de eisen die ik normaal gesproken aan een fiets zou stellen. Een paar regels.

Eén: Uw fiets zij een mountainbike. Ik ben al naar fietsenwinkels geweest, maar “gewone” fietsen zijn hier amper te vinden. Een mountainbike is erg leuk voor in de mountains met sportieve kleding aan (je weet wel, strakke glimmende broekjes enzo...), maar is minder leuk in de stad. Je weet wel, met gewóne broeken aan die, als ze al niet tussen de ketting blijven hangen, in ieder geval onder de smeer komen te zitten. Ook niet zo leuk als het geregend heeft, zoals de afgelopen dagen, waardoor diezelfde broek ook nog eens van achter helemaal vuil gespetterd wordt, net zoals de rug van mijn jas overigens...
Twee: Uw fiets heeft geen bel. Nog nergens gezien, laat staan gehoord, een fietsbel. Dat is overbodige luxe. Je moet hier toch constant de straat op vliegen en die auto's en motors horen zo'n lullig fietsbelletje echt niet.
Drie: Uw fiets heeft geen licht. Ik heb er wel al eens eentje gespot, zo'n zonderling met licht op zijn fiets, maar over het algemeen zijn ook lampjes op de fiets hier overbodige accesoires. De stad is voldoende verlicht....
Vier: Uw fiets beschikt over minstens twee ferme sloten. Ik zei dat de Valencianen niet “fiets-minded” waren. Dat is een beetje gelogen, want sommige Valencianen zijn fiets-minded op een veel minder sympathieke manier dan de deelnemers aan de Masa Crítica. Deze Valencianen kan het niet schelen dat fietsen gezond, milieuvriendelijk, snel en goedkoop is. Wat telt is dat ze die dingen, in hun geheel of gedeeltelijk, op zondagochtend op de zwarte markt vlakbij Mestalla, het stadion van Valencia Club de Fútbol, kunnen verpatsen voor een paar euro. Ik had Rafa's fiets helemaal had laten opknappen en ging er de volgende dag voor het eerst 's avonds mee uit. Ik zette mijn fiets tegen een boom, hangslot errond en door het wiel. Toen ik een paar uur later terugkwam, was mijn voorwiel foetsie. Joder, verdomme! Andere fietsen in de straat was eenzelfde lot beschoren: afhankelijk van de al dan niet aanwezige hangsloten was voorwiel, achterwiel of zadel of zelfs ál die onderdelen verdwenen. Nu fiets ik zoals een echte Valenciaan met 2 hangsloten rond...

Ik heb besloten dat ik het Valenciaanse twee-sloten-principe trouw zal blijven, maar verder wens ik op fietsvlak toch nog absoluut een Nederbelg te blijven. Ik ga dus in de rebajas, de uitverkoop, snel op zoek naar een fatsoenlijke fiets, een citybike met licht, bel, spatborden en alles erop en eraan. Dat wordt een uitdaging!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten