woensdag 16 januari 2008

Drie

Vandaag is het drie maanden geleden dat ik Belgie achterliet en naar Spanje ging. Drie maanden. Ik weet niet goed of ik er "pas" of "al" bij moet schrijven, want voor mijn gevoel geven beide woorden weer hoe ik Spanje ervaar, elk op zijn beurt of zelfs allebei tegelijkertijd.

Pas drie maanden. Dat is niet lang. Pas drie maanden, ben nog volop "guiri". Dat voel ik als de kassajuffrouw van de supermarkt in mijn wijk me alwéér met grote verbaasde ogen aankijkt als ik voor de zoveelste keer zeg dat ik geen plastic tasjes hoef zoals de Spaanse klanten, omdat ik mijn rugzak bij me heb om boodschappen in te doen. Dat voel ik als ik niet goed uit mijn woorden kom en de Spanjaarden me met een afwachtende blik strak aan blijven kijken. Ik voel dat vooral op momenten zoals afgelopen zaterdag, op het verjaardagsfeestje van Julia die 1 werd, als er 20 Spanjaarden allemaal tegelijkertijd door elkaar aan het schreeuwen zijn en ik horendol word van al dat geroep.
Pas drie maanden betekent een voorzichtig begin van alles: nieuw leven, nieuwe stad, nieuwe taal, nieuwe gewoontes, nieuw appartement, nieuwe mensen. Het betekent vooral met volle teugen genieten van al die nieuwe dingen die ik iedere dag mag ervaren. Genieten van het lekkere winterzonnetje op mijn gezicht, genieten van het kopen en bereiden van verse vis, genieten van het vrolijke gekwetter van de opgetutte Spaanse dames in de winkels, genieten van voorbijwaaiende vleugjes klassieke eau-de-cologne die de Spanjaarden hier nog steeds massaal gebruiken om hun haar te doen geuren. En dit is nog maar het begin. Het beste moet nog komen, want ik ben hier nog maar pas.

Pas drie maanden dus, maar vaak voelt het aan alsof ik hier al veel langer ben. Ál drie laaaaaaange maanden. Al drie maanden leef ik hier een uiterst rustig maar intens leven. Ik heb geen verplichtingen, doe wat ik wil. Belgie lijkt ver, letterlijk en figuurlijk. Een vage herinnering. Het lijkt alsof het leuke maar drukke leven dat ik leidde in Belgie dat van iemand anders is. De "Belgische" Suzanne lijkt een personage dat ik ken van verhalen, van een boek dat ik gelezen heb of een film die ik gezien heb. Niets wat ik hier doe of voel lijkt iets met Belgie te maken te hebben. Die bevreemdende, naar schizofrenie neigende ervaring stemt me niet altijd even vrolijk, maar ik probeer eruit te concluderen dat ik me al drie maanden thuisvoel in mijn nieuwe omgeving en dat mijn nieuwe omgeving al drie maanden haar best doet om me thuis te laten voelen.
Ik voel me thuis in mijn wijk waar de Pakistaanse groentenboer Zabi me kent en me meestal met een vriendelijk bedoeld "hola reina, cómo estás?" (hallo schatje, hoe gaat het met je?) begroet, me steeds opnieuw vraagt of ik nu uit Frankrijk of Nederland kom, zich verbaast over de grote hoeveelheden groenten en fruit die ik voor mij alleen koop, vervolgens gratis mandarijntjes, peterselie of selderij meegeeft en me tot ziens wenst met een "god bless you". Ik voel me thuis in mijn wijk waar ik in de koffiebar Cero al niet meer hoef te zeggen wat ik wil hebben en een van de twee jonge broers die de zaak uitbaten al meteen een "café solo descafeinado" komt brengen. Ik voel me thuis in mijn wijk waar ik er in sportschool Studio Navarrete gewoon bijhoor ookal versta ik soms geen snars van het geblaf met hoog "drillgehalte" van mijn Kajukenbo-trainer Jesus.

Het blijft uiterst boeiend hier, omdat ik 's ochtends nooit weet of het een "al-" of "pasdag" zal worden of misschien wel allebei. Niets een evidentie, alles een verrassing.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten