donderdag 29 november 2007

Het dorp

Ooit zong Wim Sonneveld met weemoed een lied over het dorp waar hij geboren was. "Wat leefden ze eenvoudig toen, in simp'le huizen tussen groen..." Alsof het nooit voorbij zou gaan...

Afgelopen weekend heb ik het geluk gehad om een stapje terug in de tijd te kunnen zetten, een tijd die ik zelf nooit echt heb gekend, een tijd die doet denken aan het dorp dat Wim Sonneveld beschrijft. In Jalance, het dorp waar zowel Rafa's moeder als MariCarmen geboren zijn, is het leven bijna nog zoals het in onze dorpjes dertig-veertig-vijftig jaar geleden moet zijn geweest. En dan heb ik het niet over het materialistische leven, want dat is nu haast even comfortabel als in de Lage Landen. Nee, ik heb het over het sociale leven: buren, vrienden, familie, dorpsgenoten. Iedereen kent iedereen.



Rafa en MariCarmen hebben in Valencia hun handen vol aan hun dochtertje Julia en gaan daarom niet ieder weekend naar hun pueblo, hun dorp. Maar als ze er eens een weekeind zijn, weet het halve dorp al van te voren van hun komst. En dat zullen ook Rafa en MariCarmen geweten hebben! Om de haverklap wordt er op de deur geklopt en komt een buurvrouw, vriend, verre neef, oudtante of een andere geïnteresseerde Julia bewonderen. Op zijn Spaans natuurlijk, dus met veeeeeeeel lawaai. Als we een wandeling maken door het dorp gaat dit op een slentertempo dat voor mij heel moeilijk is om aan te houden. Iedere auto stopt om hallo te zeggen en die kleine meid te overladen met kusjes en complimentjes in de richting van mama MariCarmen te gooien. De oude mannen die langs de kant van de weg zitten moeten ook even komen kijken en kriebelen Julia in haar hals of op haar wangetjes. Iedereen is even dol op het kind.

Maar ook zonder kinderen is het dorp een constante wirwar van contacten tussen oud en jong. Er zijn twee belangrijke plekken om contacten te onderhouden: de straat en het café. "Bah", doet Rafa zijn beklag, "er zijn hier nauwelijks nog cafés te vinden in het dorp." Ik trek verbaasd mijn wenkbrauwen op, want ik vind dat 3 cafés in een dorpje van net 1000 inwoners best een mooi aantal is. "Pffff, nee hoor", zucht Rafa melancholisch, "vroeger had je hier 8 cafés, maar nu verdwijnen ze één voor één." Leeftijdsgrenzen zijn er niet in de cafés: hier is iedereen altijd welkom. De 80-jarige tandenloze man compleet met pet en wandelstok wordt even hartelijk ontvangen als een stelletje puisterige tieners met te veel piercings in hun gezicht.

Voor de Spanjaarden betekent el pueblo niet gewoon maar het dorp waar ze opgroeiden. Nee, het is hun "heimat", hun tierra, hun trots. Vraag een Spanjaard naar het mooiste, leukste of gezelligste dorp van Spanje en grote kans dat het antwoord luidt: "El mío, het mijne!" De lokroep van het pueblo is sterk, heel sterk en blijft dat voor veel Spanjaarden ook hun hele leven. Dus in de weekends komen alle dorpelingen die hun heil (lees: werk) ergens anders hebben gezocht, met een opgelaten reüniegevoel terug naar "huis" en lopen de cafeetjes vol. Het is dan ook het enige vertier in de wijde omgeving. De café's doen gouden zaken: 's ochtends ga je er een koffie of zelfs een pintje drinken, voor de lunch ga je er een aperitief of een biertje drinken, na de lunch ga je terug voor een koffie of -alweer- een biertje, voor het avondeten een paar pintjes en dan rond een uur of elf-twaalf nogmaals terug voor de iets stevigere nachtsessie met sterke drank, -oh verrassing- bier of chupitos, shots.



Voor mij is een dag of 2-3 in Jalance meer dan genoeg. Kletsen, eten en zuipen -alles op zijn Spaans, dus veeeeeeeeeel- is heel leuk voor even, maar het constant sociaal zijn betekent voor mij toch een iets te grote opgave. Sociaal "moeten" zijn, is het voor mij. En ik hou niet van moeten. Ik geniet ook graag van wat rust. Waarschijnlijk zien de bewoners van Jalance, de echte jalancinos, dat heel anders. Het zit in hun bloed, het is geen kwestie van "moeten", het is pure ontspanning: slapen - drinken - eten - drinken - eten - drinken - eten - drinken - slapen en ondertussen (luid!!!) bijpraten met anderen wie het pueblo ook nauw aan het hart ligt. Meer moet dat voor hun niet zijn.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten